
Wies de Greef is onze mooie warme mezzo, en dan hebben we het niet alleen over die stem waar je ademloos naar kan blijven luisteren en die telkens weer ontroert.
Wies’ devies: ‘gewoon lekker uitzingen’. Ze is dol op complexe harmonieën en als die dan ook nog ineens blijken te kloppen, lichten haar ogen op van verrukking. Ze is ontwapenend, waardoor je je bij haar altijd op je gemak voelt, maar ook kritisch en onvermijdelijk eerlijk. Haar kritische vragen over artistieke zaken zijn absoluut onmisbaar tijdens repetities en daarbuiten. Onnodig kritisch is ze echter nooit, want, bescheiden als ze is, treedt ze alleen op de voorgrond als dat strikt noodzakelijk is. Te veel aandacht en complimenten voor haar persoon, zoals bijvoorbeeld deze lofzang, vindt ze eigenlijk maar niks. Wies denkt liever aan anderen, en is hiermee het compassie-kompas waar wij allemaal graag op varen.
In een groep druktemakers zoals Lemnis kan je eigenlijk niet zonder de rust van een Wies. Met een kopje thee in haar hand, altijd een kopje thee, wacht ze geduldig tot wij zijn uitgeraasd. Maar, als het te lang TE rustig is, begint het te borrelen. Want stilzitten, daar is deze dame niet voor gemaakt. Dan worden wij voor we het weten getrakteerd op een prachtig ballet.
Lemnis ❤️ Wies

“Als kind kwam muziek vooral tot me in mijn danslessen en via de blokfluit. De piano in huis lonkte, en van mijn vader mocht ik op pianoles, als ik eerst mijn oprechte interesse bewees door mezelf een stukje aan te leren. Ik greep het eerste wat voorhanden was – de tearjerker “my heart will go on” – de melodie uitgeschreven en eronder akkoordsymbolen. Dat ik die akkoorden, hoe simpel ook, leerde spelen en zelf harmonieën kon produceren vond ik iets magisch! De pianolessen heb ik lang gevolgd, en ik heb me ook nog een paar jaar (niet bijster succesvol) aan jazz gewaagd op de klarinet, maar pas tijdens mijn studie culturele antropologie ontdekte ik waar mijn ware muzikale liefde lag: in het zingen.
Ik studeerde me een slag in de rondte op de universiteit, maar maakte altijd ruimte voor het zingen in (studenten)koren. Die hobby liep steeds verder uit de hand en toen ik voor het eerst een volle week lang op een afgelegen plek repetities had en daar eigenlijk nog veel langer had willen blijven zingen, besloot ik voor de muziek te kiezen.
Inmiddels ben ik een bachelor en master in de zang verder, en heb ik een gevarieerde beroepspraktijk als koorzanger, solist en zangdocent. Het heerlijke samenzijn dat ensemble zingen is geeft me veel voldoening, want nog altijd vind ik niks fijner dan me midden in de harmonie te begeven, en dat is precies wat je als alt doet. Steeds meer voel ik echter ook de behoefte om mijn eigen stem te vinden en te gebruiken, en mijn persoonlijke muzikale ideeën na te jagen. Ik hoop in Lemnis te experimenteren met dat spanningsveld tussen samenzang en individualiteit. Waar beter dan in een groep vol fijne mensen die allemaal een heel eigen geluid hebben en open staan voor een uitdaging?”
Wies ❤️ Lemnis
